Zoekresultaat

172 Resultaten
Toon producten van Fryslân
  • Opheffing school voor voortgezet (speciaal) onderwijs, meldingsplicht

    Een school voor voortgezet (speciaal) onderwijs is verplicht om opheffing van de school te melden aan diverse instanties en personen. U doet als directeur een melding van de opheffing aan: de minister de provincie de Inspectie van het Onderwijs Gaat het om een school voor speciaal onderwijs? Dan meldt u dit ook aan de burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de school is gelegen. U meldt de opheffing uiterlijk 2 weken nadat het besluit is genomen.

  • Opheffing school Wet op de expertisecentra, kennisgeving

    De directie van een school voor volwassenonderwijs is verplicht het opheffingsbesluit van de school of van een nevenvestiging aan diverse instanties en personen te melden. U meldt als directeur de schoolopheffing aan: minister provincie en Inspectie van het Onderwijs U meldt het besluit binnen 2 weken na de beslissing. Meer informatie over de kennisgeving vindt u in de Wet op de expertisecentra.

  • Grenscorrecties gemeente, goedkeuring

    De gemeenteraden schrijven een herindelingsontwerp en moeten dit ter goedkeuring voorleggen aan de provincie. Ook ligt het ontwerp 8 weken ter inzage bij de gemeente, waar iedereen zijn mening over het ontwerp kenbaar kan maken. Binnen 2 maanden na het vaststellen van die regeling komt de provincie met een beschrijving van de grenzen. Deze grenzen zijn gelijk aan die op de kaarten van de herindelingsregeling. De provincie stelt bij een verrekening tussen gemeenten na een grenscorrectie of herindeling het bedrag en eventuele wijze van betaling vast.

  • Professionele producties podiumkunsten

    De provincie wil de producties van hoogwaardige podiumkunsten stimuleren. Daarnaast wil de provincie een gevarieerd aanbod van podiumkunsten in Fryslân stimuleren. Gedeputeerde Staten (GS) hebben een adviescommissie ingesteld om een de aanvragen inhoudelijk goed te kunnen toetsen. Deze provinciale adviescommissie Cultuur beoordeelt de aanvragen allereerst op artistieke uitgangspunten en de uitwerking daarvan. Daarnaast schenkt de commissie op grond van de Uitvoeringsregeling projectsubsidies cultuur, taal en onderwijs (onderaan deze pagina te downloaden) ook aandacht aan onder andere professionaliteit, Friestaligheid en kunstvorm.De aanvragen worden inhoudelijk getoetst aan de volgende criteria: voldoende artistieke kwaliteit van de productie, met als indicatoren: vakmanschap: de mate waarin aantoonbaar wordt beschikt over de vaardigheden- het inzicht in de discipline of een mengvorm van disciplines;  oorspronkelijkheid: de mate van verrijking van het veelzijdige aanbod binnen een discipline; zeggingskracht: de mate waarin de productie een duidelijke relatie heeft de doelgroep; de mate waarin de productie aandacht besteed aan multiculturaliteit; de mate waarin de productie bijdraagt aan de gewenste spreiding over genres, publieksgroepen en de provincie. Lees de uitvoeringsregeling projectsubsidies cultuur, taal en onderwijs, Paragraaf 2.1.1 Podiumkunsten (onderaan deze pagina te downloaden) voor de uitgebreidere criteria.   Voor meer inhoudelijke informatie over deze regeling kunt u contact opnemen met opnemen met inhoudelijk beleidsmedewerker mevrouw L. Plat. Zij is te bereiken op tel.nr.: 058-292 5201.   De uitvoering van deze regeling wordt gedaan door de afdeling Subsidiezaken. U kunt voor informatie over de status van ingediende subsidieaanvragen of verleende subsidies contact opnemen met de betrokken subsidiemedewerker, mevrouw M. Greydanus. Zij is te bereiken op tel.nr.: 058-292 5262.

  • Provinciale Milieuverordening, verplichting toewijzing afvalstoffennummer en afvaltransport

    1. Voor zover afvalstoffen worden ingezameld die tijdens het transport worden gemengd met van anderen afkomstige ingezamelde afvalstoffen die behoren tot dezelfde categorie, kent de persoon die die afvalstoffen inzamelt een afvalstroomnummer toe aan dat transport. In andere gevallen kent de persoon die de afvalstoffen inzamelt een afvalstroomnummer toe aan degene die zich van de afvalstoffen ontdoet. 2. De persoon die bedrijfsafvalstoffen inzamelt, vermeldt het afvalstroomnummer op de factuur die hij verstrekt aan degene die zich van die afvalstoffen ontdoet. 3. Het afvalstroomnummer geldt voor onbepaalde tijd, tenzij gedurende achttien maanden geen afgifte met gebruikmaking van dat nummer heeft plaats gevonden. 4. De in het eerste lid bedoelde verplichtingen gelden niet voor de afgifte van afvalstoffen die behoren tot een categorie als bedoeld in bijlage 4, onderdeel C, voor zover deze afvalstoffen niet zijn gemengd met andere stoffen of afvalstoffen die behoren tot een andere categorie, en bestemd zijn voor hergebruik, terugwinning dan wel andere handelingen gericht op het verkrijgen van secundaire grondstoffen.

  • Provinciale Milieuverordening, verbodsbepaling in gebruik nemen gesloten stortplaats

    1. Het is verboden in, op, onder of over een plaats waar de in artikel 8.49 van de wet bedoelde zorg met betrekking tot een gesloten stortplaats wordt uitgevoerd: a. werken te maken of te behouden; b. stoffen of voorwerpen, niet zijnde afvalstoffen, te storten, te plaatsen of neer te leggen, of deze te laten staan of liggen; c. andere dan de onder a of b bedoelde handelingen te verrichten indien die handelingen de uitvoering van de maatregelen, bedoeld in artikel 8.49, eerste lid, van de wet, kunnen belemmeren, dan wel de nazorgvoorzieningen kunnen beschadigen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het treffen van maatregelen als bedoeld in artikel 8.49 van de wet; b. handelingen die betrekking hebben op het oprichten, veranderen of in werking hebben van een inrichting of op het veranderen van de werking daarvan.

  • Provinciale Milieuverordening, Instructies voor vergunningen voor inrichtingen in milieubeschermingsgebieden

    1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een inrichting verstaan een inrichting die behoort tot een categorie van inrichtingen die is aangewezen in bijlage 9. Voor zover in die bijlage bij een categorie van inrichtingen categorieën van gevallen zijn aangewezen, zijn de volgende leden van dit artikel slechts in zodanige gevallen van toepassing. 2. Indien het bevoegd gezag een vergunning krachtens artikel 8.1 van de wet verleent voor een inrichting die is of zal zijn gelegen in een milieubeschermingsgebied, worden aan de vergunning in ieder geval de beperkingen aangebracht en de voorschriften verbonden waarvan de inhoud is aangegeven in bijlage 9, voor zover in die bijlage is aangegeven dat deze van toepassing zijn op de betreffende categorie van inrichtingen. 3. Het bevoegd gezag kan, voor zover dit is aangegeven in bijlage 9, afwijken van de beperkingen en voorschriften als bedoeld in het tweede lid, dan wel nadere eisen stellen. Een nadere eis wordt gesteld als voorschrift dat aan de vergunning wordt verbonden. 4. De in het tweede lid bedoelde beperkingen en de in dat lid bedoelde voorschriften worden door het bevoegd gezag binnen 10 jaar aan de op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel reeds verleende vergunningen voor inrichtingen aangebracht respectievelijk verbonden, tenzij in bijlage 9 daarvoor een ander tijdstip is aangegeven.

  • Provinciale Milieuverordening, rechtstreekswerkende regels voor gedragingen in milieubeschermingsgebieden

    1. In een milieubeschermingsgebied gelden de in bijlage 10 omschreven regels voor zover deze regels in bijlage 6 voor dat gebied van toepassing zijn verklaard. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op de agrarische bedrijfsvoering in gebieden als bedoeld in artikel 1.2, vijfde lid, laatste volzin, van de wet.

  • Wadloopverordening, vergunning/ontheffing voor het houden van een wadlooptocht

    Het in artikel 4 omschreven verbod geldt niet voor: a. de deelnemers aan een wadlooptocht, georganiseerd door een rechtspersooon die in het bezit is van een daartoe door gedeputeerde staten verstrekte vergunning (Avergunning), alsmede de personen die door de houder van de genoemde vergunning schriftelijk zijn gemachtigd tot het leiden van een wadlooptocht, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 9, 12 en 13. b. de deelnemers aan een wadlooptocht, georganiseerd door een natuurlijke persoon die in het bezit is van een daartoe door gedeputeerde staten verstrekte vergunning (B-vergunning), alsmede de vergunninghouder zelf. c. de natuurlijke persoon, die op basis van een door gedeputeerde staten verstrekte vergunning (C-vergunning) individueel of samen met andere vergunninghouders als bedoeld in dit lid een wadlooptocht mag houden. d. hen die zich uit hoofde van hen toegestane werkzaamheden noodzakelijkerwijs op de Waddenzee bevinden. e. - de opvarende of opvarenden van een drooggevallen of een voor anker liggende boot die zich op dezelfde plaat of kwelder als de boot bevindt of bevinden en zij met ten hoogste zeven personen zijn, en mits zij terugkeren aan boord van de boot, of: - de opvarenden van een drooggevallen of een voor anker liggende boot die zich op dezelfde plaat of kwelder als de boot bevinden en zij binnen een straal van 500 meter van de boot blijven indien zij met acht of meer personen zijn; f. hen die alleen of in een groep van minder dan acht personen vanaf de vastelandkust of vanaf een eiland een aan deze kust of dat eiland grenzende plaat of kwelder betreden teneinde een recreatieve activiteit te ondernemen met een strikt lokaal karakter zoals handmatig pierensteken, peuren, beoefenen zeehengelsport en dergelijke.

  • Overlast of schade doorgeven

    Te hoog of te laag waterpeil? Schade aan dijken of kaden? Muskusratten, dode eenden of woekerende waterplanten gezien? Olielozing of ander milieudelict geconstateerd? Geef overlast online aan ons door.

Verfijn zoekopdracht

Toon producten van: Fryslân

Geen verfijning beschikbaar.

Acties