Resultaten

581 - 590 van de 596 Resultaten
Toon producten van Fryslân
  • Provinciale Milieuverordening, verplichting toewijzing afvalstoffennummer en afvaltransport

    1. Voor zover afvalstoffen worden ingezameld die tijdens het transport worden gemengd met van anderen afkomstige ingezamelde afvalstoffen die behoren tot dezelfde categorie, kent de persoon die die afvalstoffen inzamelt een afvalstroomnummer toe aan dat transport. In andere gevallen kent de persoon die de afvalstoffen inzamelt een afvalstroomnummer toe aan degene die zich van de afvalstoffen ontdoet. 2. De persoon die bedrijfsafvalstoffen inzamelt, vermeldt het afvalstroomnummer op de factuur die hij verstrekt aan degene die zich van die afvalstoffen ontdoet. 3. Het afvalstroomnummer geldt voor onbepaalde tijd, tenzij gedurende achttien maanden geen afgifte met gebruikmaking van dat nummer heeft plaats gevonden. 4. De in het eerste lid bedoelde verplichtingen gelden niet voor de afgifte van afvalstoffen die behoren tot een categorie als bedoeld in bijlage 4, onderdeel C, voor zover deze afvalstoffen niet zijn gemengd met andere stoffen of afvalstoffen die behoren tot een andere categorie, en bestemd zijn voor hergebruik, terugwinning dan wel andere handelingen gericht op het verkrijgen van secundaire grondstoffen.

  • Stempas

    Kiezers krijgen - uiterlijk 14 dagen voor de verkiezingen - op hun huisadres een uitnodiging om te stemmen: een stempas. Met een stempas kan de kiezer in elk stembureau binnen de gemeente stemmen.  De kiezer neemt deze pas op de dag van stemming mee naar het stembureau, samen met een identiteitsbewijs. Dit mag overigens ook een maximaal 5 jaar verlopen ID-bewijs zijn. Is een kiezer niet in de gelegenheid om zelf zijn stem uit te brengen, dan kan hij dit bij volmacht door iemand anders laten doen.

    Op de stempas staat het adres van het voor de kiezer dichtstbijzijnde stembureau. Dit neemt niet weg dat een kiezer in een stembureau naar keuze binnen de gemeente zijn stem kan uitbrengen

  • Provinciale Milieuverordening, Instructies voor vergunningen voor inrichtingen in milieubeschermingsgebieden

    1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een inrichting verstaan een inrichting die behoort tot een categorie van inrichtingen die is aangewezen in bijlage 9. Voor zover in die bijlage bij een categorie van inrichtingen categorieën van gevallen zijn aangewezen, zijn de volgende leden van dit artikel slechts in zodanige gevallen van toepassing. 2. Indien het bevoegd gezag een vergunning krachtens artikel 8.1 van de wet verleent voor een inrichting die is of zal zijn gelegen in een milieubeschermingsgebied, worden aan de vergunning in ieder geval de beperkingen aangebracht en de voorschriften verbonden waarvan de inhoud is aangegeven in bijlage 9, voor zover in die bijlage is aangegeven dat deze van toepassing zijn op de betreffende categorie van inrichtingen. 3. Het bevoegd gezag kan, voor zover dit is aangegeven in bijlage 9, afwijken van de beperkingen en voorschriften als bedoeld in het tweede lid, dan wel nadere eisen stellen. Een nadere eis wordt gesteld als voorschrift dat aan de vergunning wordt verbonden. 4. De in het tweede lid bedoelde beperkingen en de in dat lid bedoelde voorschriften worden door het bevoegd gezag binnen 10 jaar aan de op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel reeds verleende vergunningen voor inrichtingen aangebracht respectievelijk verbonden, tenzij in bijlage 9 daarvoor een ander tijdstip is aangegeven.

  • Lozing koelwater in de bodem, ontheffing verbod

    Bij het verrichten van activiteiten waarbij koelwater in de bodem moet worden geloosd, moeten bedrijven een ontheffing hebben van het verbod op dit soort lozingen. 'Koelwater' is water dat uitsluitend is gebruikt voor koeldoeleinden en waaraan geen verontreinigende stoffen zijn toegevoegd. Ook als u bedrijfsmatig andere vloeistoffen wilt lozen dan koelwater heeft u een ontheffing nodig.GeldigheidsduurEen ontheffing voor het lozen van koelwater heeft een geldigheid van maximaal tien jaar; een ontheffing voor het lozen van overige vloeistoffen is maximaal vier jaar geldig. Voor deze laatste ontheffing moet  u wel aantonen dat aansluiting op de riolering of een andere wijze van afvoer praktisch niet mogelijk is. VoorschriftenAan beide ontheffingen zijn voorschriften verbonden. Deze hebben betrekking op de wijze van lozen, de samenstelling en de hoeveelheid van de te lozen vloeistof, het onderzoek naar de samenstelling van de vloeistoffen en de toestand van de bodem ter plaatse.

  • Asbest verwijderen

    Zoals u weet is asbest gevaarlijk als de asbestvezels vrij komen. Wanneer de vezels worden ingeademd kunnen deze na verloop van tijd tot ernstige ziektes leiden (bijv. longkanker). Het bewerken (zagen, boren, breken etc) van asbest is daarom niet toegestaan. Sinds 1994 is het verboden asbest te gebruiken, verwerken en voor handen te hebben. Zit asbest in een gebouw dan mag het wel blijven zitten, zolang er maar geen vezels vrijkomen. Het verwijderen van asbest is natuurlijk ook toegestaan. Daar horen regels bij om er voor te zorgen dat er zo weinig mogelijk vezels vrij kunnen komen. De hoofdregel is dat je asbest alleen mag verwijderen nadat je een sloopmelding hebt gedaan, en daar een positieve reactie van ons op hebt gekregen.

  • Fryslan Fernijt

    Innovatie is goed voor de economische ontwikkeling van Fryslân en versterkt de concurrentiepositie van het Friese bedrijfsleven. Om innovatie in de regio opnieuw een impuls te geven krijgt het regionaal innovatie programma Fryslân Fernijt II een vervolg. De provincie steunt vernieuwende projecten binnen de thema's: - Duurzame Energie - Water - Recreatie en Toerisme - Gezond ouder wordenPeriodeFryslân Fernijt III heeft een looptijd van 12 januari 2011 tot 31 december 2013. Projecten kunnen doorlopend worden ingediend vanaf januari 2011 tot 1 april 2012 of tot het subsidieplafond van € 4.200.000 is bereikt.

  • Dijkverbeteringsplannen, goedkeuring en terinzagelegging

    Een primaire waterkering beschermt een gebied tegen overstromingen. Denk hierbij aan dijken of duinen. De primaire waterkering biedt bescherming tegen overstromingen vanuit het buitenwater (de grote rivieren of de zee). Deze waterkeringen zijn bij wet (Waterwet) aangewezen. De meeste primaire keringen zijn in beheer bij waterschappen maar ook Rijkswaterstaat beheert een deel daarvan. Als een beheerder een waterkering wil wijzigen, aanbrengen of aanleggen dan stelt deze een plan op, het projectplan. In dat plan wordt de voorkeursoplossing toegelicht en gemotiveerd en staat hoe rekening is gehouden met de overige belangen in het gebied. Iedereen kan het ontwerp van het projectplan inzien en een zienswijze hierop geven. Dit kan tijdens de inzageperiode op het provinciehuis of het waterschapskantoor (of dat van Rijkswaterstaat) en eventueel bij de betrokken gemeenten. Hierna stelt de beheerder het plan vast en legt het ter goedkeuring voor aan de provincie.

  • Aanwijzing zwemlocaties, inzage

    De provincie wijst ieder jaar zwemlocaties aan op haar grondgebied die tijdens het zwemseizoen gebruikt mogen worden. Het zwemseizoen loopt van 1 mei tot 1 oktober. De provincie maakt eerst een aanwijzingsontwerp voor de zwemlocaties. U kunt dit aanwijzingsontwerp inzien bij de provincie tijdens de inzageperiode. U mag hier ook op reageren. De provincie laat weten wanneer het ontwerp van de aanwijzing bekend is. Dit doet zij op haar eigen website en in de gemeenten waar de zwemlocaties liggen. Deze mededeling doet de provincie ook in 1 of meer kranten of huis-aan-huisbladen.

  • Onttrekking grondwater, registratieplicht

    Als u grondwater onttrekt via een inrichting of water infiltreert, heeft u in sommige gevallen een registratieplicht bij het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag is in dit geval de provincie of het waterschap. U moet aan de volgende verplichtingen voldoen: U moet een registratie bijhouden van de gemeten hoeveelheden (grond)water die worden onttrokken of geïnfiltreerd. U moet elk jaar in januari of, bij beëindiging van de werkzaamheden binnen een maand, opgave doen van de per kwartaal onttrokken of geïnfiltreerde hoeveelheid (grond)water. U geeft bij deze opgave eventuele wijzigingen in de inrichtingen door. Als u water infiltreert, bent u ook verplicht de kwaliteit van het water te meten, te registreren en daarvan opgave te doen.

  • Bodemonderzoek, aanwijzing bedrijven

    Als eigenaar van een bedrijf met bedrijventerreinen in gebruik, kunt u een overeenkomst sluiten met de Stichting Bodemsanering in gebruik zijnde bedrijfsterreinen (BSB) voor een bodemonderzoek. Dit doet u vrijwillig. Wilt u niet deelnemen aan de BSB operatie? Dan kan de provincie uw bedrijf verplichten om een verkennend onderzoek uit te voeren. Dit heet een aanwijzing tot het verrichten van bodemonderzoek. Blijkt uit het verkennend bodemonderzoek dat er sprake is van bodemverontreiniging, dan moet u een nader bodemonderzoek uitvoeren. Op basis van dit onderzoek wordt beslist of bodemsanering noodzakelijk is. Doet uw bedrijf ook na de aanwijzing nog steeds geen onderzoek? Dan kan een bevel gegeven worden voor het verrichten van nader onderzoek.

Verfijn zoekopdracht

Geen verfijning beschikbaar.

Acties