Zoekresultaat 1 - 9 van 9 resultaten

  • Schadevergoeding voor ontgronding

    U kunt een schadevergoeding aanvragen voor schade die u lijdt door een ontgrondingsvergunning. We noemen dit ‘nadeelcompensatie’. U lijdt bijvoorbeeld schade, omdat u een vergunning heeft aangevraagd, maar deze niet krijgt. Ook kunt u schade lijden, omdat de vergunning wordt ingetrokken of gewijzigd.

    Bent u niet de houder van de vergunning, maar lijdt u wel schade? Dan kunt u ook een schadevergoeding aanvragen.

    De provincie kan een extern bureau om advies vragen over uw aanvraag.

  • Onttrekken van grondwater te gebruiken als grondstof of gietwater, melding

    Voor het onttrekken van grondwater is een watervergunning nodig van het waterschap. Als u voor uw bedrijf grondwater wilt onttrekken, bijvoorbeeld voor gebruik als grondstof of als gietwater, dan moet u een vergunning aanvragen. In bepaalde gevallen kunt u volstaan met een melding.
    Er zijn uitzonderlijke gevallen waarbij u ook toestemming moet aanvragen bij de provincie.

  • Verzoek planschade Karolinapolder

    Op 12 april 2023 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan over de omgevingsvergunning voor windpark Karolinapolder in Dinteloord. Gedeputeerde staten van de provincie Noord-Brabant verleenden eerder een omgevingsvergunning voor de bouw van vier windturbines in de Karolinapolder. Deze vergunning is door de uitspraak op 12 april 2023 onherroepelijk geworden.

    De vier nieuwe turbines in de Karolinapolder vervangen de vier bestaande turbines langs de Karolinadijk in Dinteloord.

    De komst van de vervangende windturbines in de Karolinapolder kan mogelijk negatieve gevolgen voor u hebben. Zo kan uw huis of grond bijvoorbeeld minder waard worden. Ook kan het dat uw bedrijf nadelige gevolgen ondervindt van het windpark. Deze gevolgen heten formeel ‘planschade’. Als dit op u van toepassing is, en u voldoet aan een aantal voorwaarden, kunt u mogelijk recht hebben op een tegemoetkoming in planschade.

    Een planschadeverzoek kunt u bij Gedeputeerde Staten indienen tot 5 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning (voor de windturbines van Karolinapolder is dat tot 13 april 2028).

  • Omgevingsvergunning water

    Voert u een activiteit uit zoals lozen of pompen in oppervlaktewater of met grondwater en heeft de activiteit weinig gevolgen voor de waterkwaliteit? Dan is het vaak voldoende om hiervan een melding te doen. Zijn de gevolgen groter? Dan heeft u een omgevingsvergunning water nodig. Dit noemen we ook wel een omgevingsvergunning wateractiviteit. Het gaat dan om het onttrekken van grotere hoeveelheden water aan de grond of het lozen van grondwater, oppervlaktewater of regenwater (hemelwater). Voorbeelden van activiteiten waarvoor een omgevingsvergunning water nodig is, zijn:

    • het lozen of storten van stoffen op het oppervlaktewater (bijvoorbeeld een sloot of rivier)
    • het onttrekken van grote hoeveelheden grondwater voor industrieel gebruik
    • werkzaamheden bij een waterstaatswerk (bijvoorbeeld een snelweg, viaduct, tunnel, brug, vaarweg, of dijk)

    Bij wie u een omgevingsvergunning voor een wateractiviteit moet aanvragen of een melding moet doen, heeft te maken met waar u gaat werken. Weet u niet zeker waar uw activiteit onder valt? Neem contact op met de provincie of met het waterschap waar u de activiteiten gaat uitvoeren.

  • Dijkverbeteringsplannen goedkeuren en inzien

    Een primaire waterkering beschermt een gebied tegen overstromingen vanuit het buitenwater (de grote rivieren of de zee). In de Waterwet staat om welke waterkeringen het gaat. De meeste primaire keringen zijn in beheer bij waterschappen, maar ook Rijkswaterstaat beheert een deel daarvan. Als een beheerder een waterkering wil veranderen, aanbrengen of aanleggen dan stelt hij een plan op, het projectbesluit. De beheerder legt in dat plan uit welke oplossing de voorkeur heeft en hoe hij rekening heeft gehouden met de andere belangen in het gebied. Iedereen kan het ontwerp van het projectbesluit bekijken en zijn mening hierover geven. Dit kan tijdens de inzageperiode op het provinciehuis of op de website van de provincie. Of op het waterschapskantoor (of dat van Rijkswaterstaat) en eventueel bij de betrokken gemeenten. Hierna stelt de beheerder het plan vast en legt het ter goedkeuring voor aan de provincie.

  • Registratieplicht voor onttrekking grondwater

    Als u grondwater uit de bodem haalt noemen we dat ‘onttrekken’. Als u daarna het water in de bodem brengt om het grondwater aan te vullen, noemen we dat ‘infiltreren’. Als u grondwater onttrekt via een inrichting of water infiltreert, moet u zich in sommige gevallen inschrijven bij het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag is de instantie die aan u een omgevingsvergunning heeft gegeven of waar u een melding heeft gedaan voor het onttrekken van grondwater. Dit is meestal het waterschap, maar het kan ook gaan om het Rijk of de provincie. U moet zich aan de volgende regels houden:

    • U moet een registratie bijhouden van de gemeten hoeveelheden (grond)water die u onttrekt of infiltreert.
    • U moet elk jaar in januari laten weten hoeveel (grond)water u per kwartaal heeft onttrokken of geïnfiltreerd. Als u stopt met uw activiteiten moet u binnen een maand de hoeveelheden doorgeven.
    • U geeft veranderingen in de inrichtingen door. Als u water infiltreert, moet u ook de kwaliteit van het water meten, registreren en doorgeven.

  • Vergunning voor onttrekken grondwater of infiltreren water

    Als u grondwater wilt onttrekken of water wilt infiltreren, moet u een vergunning hebben. Infiltreren van water betekent dat u water in de bodem brengt om het grondwater weer aan te vullen na onttrekking.

    De vergunning vraagt u aan bij de provincie in de volgende gevallen:

    • onttrekkingen voor industriële bedrijfsprocessen van meer dan 150.000 m³ per jaar
    • openbare drinkwatervoorziening
    • open bodemenergiesystemen (gebruik maken van bodemwarmte)

    Voor andere onttrekkingen vraagt u de vergunning bij het waterschap aan.

    Er is geen vergunning nodig bij onttrekkingen van minder dan 10 m³ per uur. U moet deze onttrekkingen wel aan de provincie melden of het aan waterschap.

    U vraagt een omgevingsvergunning aan voor de activiteit 'wateronttrekkingsactiviteit voor industriële toepassingen of voor de openbare drinkwatervoorziening' of voor de activiteit 'open bodemenergiesysteem'.

  • Provinciale heffing voor grondwateronttrekking

    Voor het onttrekken van grondwater kan de provincie geld vragen in de vorm van een provinciale belasting.

    Hoeveel u moet betalen hangt af van de hoeveelheid grondwater die u gebruikt. De provincie gebruikt hiervoor de gegevens in het Landelijk Grondwater Register (LGR).

    De provincie houdt er bij het opleggen van de belasting rekening mee of u het water infiltreert. Dat betekent dat u het water in de bodem brengt en daarmee het grondwater aanvult. U hoeft voor sommige vormen van onttrekken geen belasting te betalen. Bijvoorbeeld het onttrekken van grondwater voor landijsbanen, het schoonmaken van het grondwater en het onttrekken voor koude- en warmteopslag in de bodem.

  • Ontgrondingsvergunning

    Iedereen die de bodem gaat afgraven, heeft een ontgrondingsvergunning nodig. Ontgronding betekent dat u de bodem afgraaft en daardoor verlaagt. Dit geldt voor land (het maaiveld) en de waterbodem. U haalt hierbij een grondlaag weg zoals klei, veen, zand of grind. Voorbeelden van ontgronding zijn:

    • zandwinning
    • waterberging
    • natuurontwikkeling

    U vraagt een omgevingsvergunning aan voor de activiteit 'Ontgrondingsactiviteit op land, in regionale wateren en in een winterbed van een rivier'.

    U moet de omgevingsvergunning voor ontgrondingsactiviteiten altijd aanvragen. Ook als u de bodem tijdelijk verlaagt. In een aantal gevallen geldt er een vrijstelling. Wanneer een vrijstelling geldt, ziet u in de vergunningencheck van het Omgevingsloket.