Zoekresultaat 111 - 114 van 114 resultaten

  • Vergunning voor Natura 2000-gebied aanvragen

    Zonder vergunning mag u geen activiteiten uitvoeren die effect kunnen hebben op de kwaliteit van een Natura 2000-gebied. Dit geldt dus ook voor het beschadigen, verslechteren of verstoren van de leefgebieden van plant- en diersoorten in het gebied.

    In een aantal gevallen hoeft u geen vergunning aan te vragen. Er is geen vergunningsplicht voor bijvoorbeeld:

    • visserijactiviteiten
    • de stikstofuitstoot als gevolg van activiteiten tijdens de bouwfase van een bouwwerk
    • activiteiten die onderdeel zijn van het beheerplan van een Natura 2000-gebied
    • activiteiten die onderdeel zijn van een programma met het doel om:
      • schade aan een Natura 2000-gebied te verminderen
      • wilde dieren en wilde planten te beschermen en hun leefgebied te verbeteren

    Het is dan wel belangrijk dat de impact op een Natura 2000-gebied zo klein mogelijk blijft. Is er toch een grote impact, dan moet u wel een vergunning aanvragen.

    Heeft uw activiteit impact op een Natura 2000-gebied, maar zijn er verder geen andere gevolgen voor de omgeving, dan vraagt u bij de provincie een omgevingsvergunning aan voor een 'Natura 2000-activiteit'.

    Beïnvloedt uw activiteit ook op andere manieren de omgeving? Dan vraagt u meestal een vergunning aan bij de gemeente. U kunt dan bijvoorbeeld denken aan bouwen in de buurt van een Natura 2000-gebied. De gemeente vraagt dan een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) bij de provincie aan voor het deel van uw vergunning dat gaat over de invloed op een Natura 2000-gebied.

  • Actieplan geluid

    Als u dicht bij een drukke provinciale weg, spoorweg of regionale luchthaven woont, kunt u daarvan geluidsoverlast hebben. Ook een school of ziekenhuis kan last hebben van het geluid. De provincie stelt elke 5 jaar een actieplan geluid vast waarin het geluidsbeleid staat. Dit beleid gaat over de geluidsbelasting van belangrijke wegen, spoorwegen en luchthavens die de provincie beheert.

    Een actieplan geluid bestaat uit verschillende onderdelen. Iedereen kan het actieplan bekijken.

    In een actieplan geluid staat onder andere:

    • een samenvatting van het plan
    • een beschrijving van de wegen, spoorwegen en luchthavens (geluidsbronnen)
    • het aantal bewoners dat last heeft van een geluidsbron
    • belangrijke ontwikkelingen die van invloed zijn op de geluidshindersituatie
    • het geluidsbeleid voor de komende 5 jaar
    • een evaluatie van het vorige actieplan
    • financiële informatie
    • de reactie van de provincie op de meningen over het ontwerp-actieplan

    De bescherming van stille gebieden is een verplicht onderdeel van het geluidsbeleid. Dit zijn speciaal door de provincie aangewezen gebieden met een lagere geluidsbelasting dan andere gebieden.

  • Vrijstelling voor ontgrondingsvergunning

    U heeft een ontgrondingsvergunning nodig als u de bodem wilt gaan afgraven. Dit geldt voor land (het maaiveld) en de waterbodem. Haalt u een grondlaag weg, zoals klei, veen, zand of grind? Dan hoeft u soms geen vergunning aan te vragen. De Ontgrondingenverordening Zeeland 2002 begint met een opsomming van vrijstellingen van de vergunningplicht.

    Het gaat hierbij om:

    • het aanleggen, onderhouden, wijzigen of opruimen van waterstaatswerken, uit te voeren door of in opdracht van overheidslichamen;
    • het aanleggen, onderhouden, verruimen of verdiepen van greppels, sloten, grachten of andere watergangen door of in opdracht van overheidslichamen; 
    • het aanleggen, onderhouden, verruimen of verdiepen van greppels, sloten, grachten of andere watergangen anders dan bedoeld onder b, voor zover deze een bovenbreedte hebben of krijgen van niet meer dan 5 meter, een bodembreedte van niet meer dan 1,50 meter en een diepte van niet meer dan 1 meter beneden het vastgestelde zomerpeil of, bij gebreke daarvan, 2,50 meter beneden de gemiddelde hoogteligging van het aangrenzende terrein; 
    • het door of in opdracht van overheidslichamen aanleggen, wijzigen of opruimen van parkeerterreinen, vliegvelden, industrieterreinen, vuilstortplaatsen, bouwterreinen, sportterreinen, parken, plantsoenen en soortgelijke voorzieningen, waarvoor het ter plaatse geldende ruimtelijke besluit ingevolge van de Wet Ruimtelijke Ordening geen belemmering vormt; 
    • de normale uitoefening van het land-, tuin- of bosbouwbedrijf;
    • het uitvoeren van ontgrondingen, waarbij niet meer dan 1000 m³ wordt ontgraven en waarvoor het ter plaatse geldende ruimtelijk besluit ingevolge de Wet Ruimtelijke Ordening geen belemmering vormt; 
    • het maken, onderhouden, wijzigen of opruimen van bouwwerken krachtens een daartoe door het bevoegde bestuursorgaan verleende vergunning;
    • het doen van archeologische opgravingen door een rijksdienst, provinciale dienst, instelling voor wetenschappelijk onderwijs of een gemeente die daarvoor een vergunning heeft ingevolge de Monumentenwet;
    • de uitvoering van werken in gebieden die vallen onder de werking van de Natuurbeschermingswet; 
    • het uitvoeren van ontgrondingen op grond van een door Gedeputeerde Staten vastgesteld natuurontwikkelingsproject.

    Ook in de Ontgrondingenwet zijn enkele gevallen genoemd van het zonder vergunning mogen ontgronden:

    • werkzaamheden bij overstromingen of dreigend gevaar van dijkdoorbraken; 
    • uitvoering van landinrichtingsplannen volgens de Landinrichtingswet: als daarvoor grond van elders moet komen, dan is voor die graafwerkzaamheden wel een vergunning nodig;
    • uitvoering van bodemsanering, gebaseerd op een provinciaal milieuprogramma: ook hiervoor geldt dat als grond van elders moet komen, daarvoor een vergunning is vereist.

    Voor alle graafwerkwerkzaamheden die hier niet aan bod zijn geweest, moet zonder meer een ontgrondingenvergunning worden aangevraagd.

    Kijk voor meer informatie over ontgrondingen bij 'Ontgrondingsvergunning' in dit loket.

  • Wijzigen en aantasten van wegen, ontheffing

    Wilt u als eigenaar of belanghebbende van aan een provinciale weg liggende gronden naar die weg bijvoorbeeld een uitweg maken, aanpassen of wijzigen, dan moet u daartoe een verzoek indienen bij het bevoegd gezag. Omdat iedere uitweg een gevarenpunt kan zijn, wordt een dergelijk verzoek alleen ingewilligd als er geen andere uitwegmogelijkheden zijn. In principe wordt één uitweg per kadastraal perceel toegestaan. Een en ander afhankelijk van de inrichting en het gebruik van het kadastraal perceel.

    Wijzigen en aantasten van wegen

    1. Het is verboden:
      • een weg op een bestaande weg aan te sluiten;
      • naar een weg een uitweg te maken of te hebben of een bestaande uitweg te wijzigen;
      • de aard en de afmetingen van een weg te wijzigen;
      • in een weg te graven of deze op een andere wijze aan te tasten;
      • enig ander werk uit te voeren waardoor in de toestand van een weg verandering wordt gebracht.
    2. Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van het uitvoeren van onderhoud aan bermsloten door of namens een waterschap, voor zover dat onderhoud in  overeenstemming is met de legger als bedoeld in artikel 5.1 van de Waterwet en 5.2 Waterverordening Zeeland en /of artikel 78, tweede lid, van de Waterschapswet (Stb.1991/379, zoals sindsdien gewijzigd).

    Ontheffing of omgevingsvergunning
    Op grond van artikel 2.2 (sub d en e) van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht geldt dat wanneer in een Provinciale verordening een ontheffing is vereist om:

    • een weg aan te leggen of verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg, voor zo ver daarvoor tevens een verbod geldt als in artikel 2.1, eerste lid, onder b van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
    • een uitweg te maken, te hebben of te veranderen of het gebruik daarvan te veranderen

    een zodanige bepaling geldt als een verbod om deze activiteit uit te voeren zonder Omgevingsvergunning.

    In de Wegenverordening Zeeland is in artikel 6 bepaald dat het verboden is om nieuwe (uit)wegen aan te leggen, te wijzen of aan te tasten. Concreet betekent dit dat u voor deze activiteiten een omgevingsvergunning dient aan te vragen bij het bevoegd gezag. U wordt in dit verband verwezen naar www.omgevingsloket.nl. Voor bovengenoemde gevallen hoeft u dit formulier dus niet in te vullen.

    Uitzondering
    Wanneer ingevolge een bestemmingsplan, een beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit de aanleg of wijziging van een weg is toegestaan hoeft geen omgevingsvergunning te worden aangevraagd. U dient nog wel een ontheffing op grond van de Wegenverordening Zeeland bij het College aan te vragen. Het formulier dat u op deze site aantreft is uitsluitend bestemd voor deze uitzonderingssituatie.